Macht! Kracht! Beving! Ik brul en ik vorm de aarde naar mijn wil. Wat voor de mensen onvatbaar is, blijkt enkel een schil Ik ben oorlog en ellende, het einde der goddelozen en der vromen. Als ik mijn stemme horen laat, zal het bloed der aarde stromen. Ik adem dood, ik leef door vuur. Mijn toorn is wel hevig, maar helaas kort van duur. Als ik mijn laatste adem uitblaas, het bloed van mijn aderen stolt. Het laatste van mijn stenen hart, krachteloos is uitgerolt Dan breng ik leven, een adem van groen. En denk met weemoed, aan de dagen van toen. Aan toen ik nog heerste, aan mijn krachten zo groot. Maar ondanks mijn hoogmoed, volgt de slaap van de dood.